maandag 25 november 2019

5312

.


*
Heel even en heel stilletjes voor een paar secondjes slechts de aandacht voor een persoonlijke bekentenis. Neen, het gaat niet over Vlaamsgezindheid of zo, want dat is eerder een gave dan een défaut.

Men is wat men is en daarmee doef.

We zijn allemaal, van hoog tot laag, Vlamingen dien God ons Vlamingen schep. En daar zal de kersverse nieuwe CVP-Haven Tsjeef niets aan veranderen. Hij ook met zijn kontfederalislme van-ùijn-gat.
*
Deze keer dus niet één lettergreep commentaar bij onderstaand artikel. De lezer kan gerust zelf oordelen.
**
*
Neen dus, geen polletiek deze keer. het gaat hier en nu over die vervelende koptelefoon voor die sakkerse “Daisy’-Speler, on-ontbeerlijk om van de scijfjes van de Luister Bibliotheek te genieten. Tenminste, dat geldt voor iedereen die zijn husgenoten niet wil verplichten mee te genieten. Daar zitten namelijk de laatste tijd meer en meer van die breed beschreven bedgeheimen tussen, als U begrijpt wat ik bedoel. Ja Ja, zelfs bij de Blinden en Slechtzienden, de doven en de lammen, staat de tijd niet stil. Er wordt met zijn tijd echt meegegaan! Geef mij dan maar die
**
Cyriel Buysse (18559-1932)
*
De diene had zijn volk moeten leren lezen. (**). Maar ik heb al zijn boeken heel mijn leven weten op de index staan. Verboden lectuur! Tot en met ‘Het Gezin van Paemel’ dat ooit in het Interbellum zefs weerd opgevoerd in Parijs. Nadat het in 34 talen werd vertaald.
Tussen 1887 en zijn dood schreef Cyriel Buysse bijna 100 boken en/of theaterstukken. Rijk is hij erniet door geworden. Want dat was hij reeds….

Even pauzeren.

Goed om weten: toen bestonden er nog geen subsidies voor deze vorm van Kunst. Om de eenvoudige reden dat goede Kunst zichzelf verkoopt.
*
(**) Zelf publiceerde C. Buysse in 1900 zijn eigen versie van ‘De Leeuw van Vlaanderen’, driekwart eeuw na Conscience. Ooit al wat van gehoord?
Ooit al gehoord van de Gez. Rosalie en Virginie Loveling, zijn tantes, ook uit Nevele? Maar ach ja, die stonden ook van meeet af aan op de Kerkelijke Index… Vooral het oorlogsverhaal ’14-’18 van de hand van Virginie Loveling (1836-1928) is wonderbaarlijk in al zijn gruwel.

**
*
Joachim Coens (CD&V) pleit voor confederalisme
*
**
*
22 NOVEMBER 2019
Nicolas Van Haecke
*
Tot dusver was het met een vergrootglas zoeken naar inhoudelijke verschillen tussen de CD&V-voorzitterskandidaten, maar nu de tweede ronde ingegaan is komt er eindelijk toch een belangrijk onderscheid aan de oppervlakte: terwijl Sammy Mahdi geen institutionele hervormingen wil, pleit Joachim Coens voor confederalisme.
**
 
Hendrik Bogaert
zal Coens’pleidooi alleszins niet ongenegen zijn.

Of om Coens in het dubbelinterview met Mahdi in De Standaard van 19 november letterlijk te citeren: ‘Er moet ook definitief uitgeklaard worden hoe het nu verder moet met de NV België. Hoe kan ons land finaal nog samenwerken? We moeten daarbij vertrekken vanuit de regio’s en kijken wat we nog samen willen doen’.
En verder:
‘Ik verwacht niet dat er plots een finale oplossing is, maar we moeten nu het engagement aangaan om dat institutionele debat te voeren. Dat daar gewoon iets over in het Vlaamse regeerakkoord staat, is niet voldoende.’

Communautaire standstill of verdere confederale evolutie
Coens’ visie sluit hiermee blijkbaar heel sterk aan bij die van de N-VA

Eerder hield de Brugse havenvoorzitter in Het Laatste Nieuws zijdelings al een gelijkaardig pleidooi: ‘Wellicht zal dan blijken dat dit land het best confederaal wordt bestuurd, met een federale regering die de regionale regeringen weerspiegelt.’ Coens’ visie sluit hiermee blijkbaar heel sterk aan bij die van de N-VA: ‘De deelstaten beslissen samen wat ze nog samen willen doen. Het woordje “willen” staat centraal in het confederaal model. Nu is het van moeten.’ Al ziet Coens op vlak van sociale zekerheid, in tegenstelling tot de N-VA, blijkbaar toch nog een rol weggelegd voor het federale niveau. ‘De sociale zekerheid? Uiteraard moet er nog onderlinge solidariteit zijn’ zegt hij hierover namelijk in De Standaard.

Alleszins heeft CD&V-jongerenvoorzitter Sammy Mahdi op institutioneel vlak een heel ander standpunt, zo blijkt in datzelfde interview in De Standaard: ‘We moeten ons vandaag niet bezighouden met institutionele hervormingen, anders zijn we weer voor twee of drie jaar vertrokken zonder federale regering. We moeten nu vooral werk maken van sociaaleconomische en fiscale hervormingen en daar ambitieuzer in zijn.’ Hoewel het zeker interessant zou zijn om nu ook aan Coens de vraag te stellen wat ‘we dan nog concreet samen gaan doen’, krijgen de CD&V-leden straks dus alleszins een duidelijke keuze op communautair vlak: een communautaire standstill of verdere stappen richting confederalisme.
Sleutelrol voor toekomstige partijvoorzitter
Die duidelijke keuze is een goede zaak want uiteindelijk wordt straks toch de partijvoorzitter gekozen van de derde grootste Vlaamse partij, een partij die bovendien ook heel vaak deel uitmaakt van de regering, zowel Vlaams als federaal. Die partijvoorzitter vervult weldra dan ook een sleutelrol. Hij voert bijvoorbeeld de federale regeringsonderhandelingen voor zijn partij en bepaalt bij regeringsdeelname ook wie al dan niet minister wordt voor CD&V. Hij bepaalt ook verder in belangrijke mate mee de koers van de partij, in de oppositie en/of in de regering.

Ivan De Vadder noemt de partijvoorzitter dan ook niet toevallig de belangrijkste politieke functie. In die zin is het dan ook relevant dat niet enkel de leden maar bij uitbreiding iedereen kan weten waarvoor de toekomstige CD&V-voorzitter nu juist staat. En dan niet alleen over hoe hij de partij intern wil organiseren, maar ook en vooral over welke richting hij uit wil met de samenleving. Thema’s als asiel en migratie of rechtvaardige fiscaliteit zijn hierbij bijvoorbeeld uiterst relevant en actueel, alsook de Europese dimensie ervan, maar kwamen tot dusver hoogstens oppervlakkig aan bod.
 Vaagheid troef op inhoudelijk vlak
Want het voorzittersdebat mag dan wel hoffelijk verlopen en in tegenstelling tot wat bij andere partijen soms het geval is, hebben de leden straks op zijn minst een keuze tussen twee kandidaten met een heel verschillend profiel, die bovendien allebei nog echt kans lijken te maken. Maar los daarvan was het op inhoudelijk vlak tot dusver toch vooral vaagheid troef. Twee aspecten lijken hierbij een belangrijke rol te spelen.
 Debat binnenskamers
Nochtans is de urgentie hoog

In eerste instantie, en dat is zeker niet enkel bij CD&V het geval, tracht de partij het inhoudelijk debat, als dat er al echt is (?), zoveel mogelijk binnenkamers te houden. Niet toevallig werden de voorzittersdebatten in de eerste ronde ook achter gesloten deuren gehouden, exclusief voor de partijleden. Doctoraatsonderzoeker en Doorbraak-auteur Lorenzo Terrière verwoordde het onlangs nog als volgt: ‘De indruk leeft dat men de interne campagne inhoudelijk angstvallig op slot houdt in de hoop om versplintering te vermijden. Het is een fenomeen dat we eerder al bij Groen zagen en heden ook bij Open VLD opmerken. De inzetnota van “de twaalf apostelen” bevatte vooral managementtaal en ook de huidige debatten tussen de kandidaten gaan voornamelijk over partijstructuren. Een fundamentele discussie over de inhoudelijke (her)positionering is er niet. Nochtans is de urgentie hoog: in de laatste peiling midden september haalde CD&V nog slechts 11 procent.’
 Journalistiek focus op imago en stijl
Maar daarnaast, en die tendens is zeker niet nieuw, speelt ook de journalistieke focus op imago en stijl mee. Zo wordt bijvoorbeeld in De Standaard in het dubbelbladige interview veeleer de nadruk gelegd op verschillen qua imago, aanpak en stijl dan op echt inhoudelijke verschillen. De titel van het interview is dan ook niet toevallig: Van de zeven voorzitterskandidaten bij CD&V blijven er twee over: de ervaren, zakelijke bestuurder versus de jonge, bevlogen stadsmens. Dit gebeurt door middel van zeven ‘dilemma’s’ (zoals ‘leiden of luisteren’, ‘begrijpen of veroordelen’, ‘tweeten of zwijgen’) die men de kandidaten voorschotelt. Uiteindelijk komt pas helemaal onderaan onder het zevende dilemma ‘paars-groen of paars-geel’, en dan nog eerder toevallig, het institutionele aan bod.
Hendrik Bogaert
Hoewel Hendrik Bogaert geen voorkeur uitspreekt voor één bepaalde kandidaat, vindt Coens in streekgenoot Bogaert straks vermoedelijk ook een bondgenoot. Want net, en nog meer uitgesproken, als Coens toont Bogaert zich voorstander van confederalisme. Bovendien is ook voor Bogaert een vlugge parlementaire stemming over de uitbreiding van euthanasie en abortus absoluut een probleem, en zelfs een breekpunt voor het concept België, zo bleek in Villa Politica. ‘Ik vraag mij af waarom wij België nog ondersteunen als daar op budgettair of ethisch vlak bepaalde fundamentele keuzes gebeuren die indruisen tegen het gezond verstand van de meerderheid van de Vlamingen’, aldus Bogaert. Eerder verwees ook politoloog Bart Maddens al naar de communautaire dimensie van het ethisch debat.
Ik en know het niet. Zelfs de President der Joenaitid Steets Donald Trump hemzelf in hoogst eigen persoon, zou bij de vorming van een regering in zo’n apenland als het onze, voor onmogelijk houden. Met dergelijke vooruitzichten kan ik alleen maar uitroepen als .. “Zal ’t gaan, ja?”
**
*
Is het dan zò erg, dat iemand om zijn geesteelijke honger te stillen, alleen maar kan teruggrijpen naar de Middeleeuwen om daar ergens ‘Vaderlandsche Gevoelens terug te vinden? En men qua serieuze échte literatuur van eigen bodem alleen maar kan teruggegrepen worden naar zaken van meer dan 1000 à 150 jaar terug?
Ja, daar is Stijn Streuvels, Felix Timmermans, ERnes Claes en nog zoveel anderen. Maar die zijn al decennia ad patres. Van anderen oem ik liever geen namen. Al wol ik de eer niet onthouden om door mij hoofdschuddend te worden bekeken: Tommeke Lanoye en Hermanneke Brusselmans.Ze reiken nog niet tot de enkels van Willem Denys (Roeselare 1911-1983) die met ‘Peegie van de Nieuwmarkt’ genade vond in de ogen van mijn bejaarde moeder, die dan toch nog iets liever Courts-Maler las.
**
*
“Peegie es den ôofdpersôon uut de boekn van Willem Denys. Peegie ountstound in de fantasie up de Nieuwmarkt in Roeseloare. Die veroalen wierden overgedroagen van generatie up generatie.
Achiel Denys, de voadre van Willem, schrêef vele van die vertellingen in zyn "calpinske" en vertelde ze by veel gelegeneedn, ounder andre an Roeseloarse vluchtelingn die binst 't endoffensief in 1918 de stad moestn ountruumn en ier en toa ounderdak vounden. Willem Denys èt die veroalen toen verder uutgewerkt.”
*
Tot zover deze duik in de mijn omgeving. De rest van dit verhaal staat in de volgende Blog (Nr 5313) waar hert gaat om … Staatshuishoukunde in de hoofdstad van deze apenkooi.
*
*


Zondag 24 November 2019

 

Geen opmerkingen:

Een reactie posten